Kluwer Accountancy Nieuws

HomeCommentaar › Columns › Het fraudespel van Kerviel bij Société Générale

Het fraudespel van Kerviel bij Société Générale

20-02-2009 15:06

Auteur
Jan Joling

Het is een jaar geleden dat Société Générale bekendmaakte dat de beurshandelaar Jérôme Kerviel op onrechtmatige wijze posities had ingenomen met (toen) een waarde van € 50 miljard. Kerviel had op de termijnmarkten gespeculeerd op koersstijgingen en dalingen van Europese indices. Toen de fraude aan het licht kwam, heeft Société Générale de posities van Kerviel afgebouwd. Wegens de slechte marktcondities als gevolg van de kredietcrisis moest de bank veel beleggingen met verlies verkopen. Dat leidde tot een verlies van bijna 5 miljard euro. Het strafrechtelijk onderzoek is nu zo goed als afgerond en Kerviel wordt onder meer beschuldigd van misbruik van vertrouwen en valsheid in geschrifte. De verwachting is dat de zaak in 2010 voorkomt. 

We zullen dus nog even moeten wachten op de details, of liever gezegd op de precieze invulling van de fraudedriehoek (risico, gelegenheid en motief). Op grond van publicaties over eerdere onderzoeken was al wel duidelijk dat Kerviel voornamelijk alleen handelde en dat er geen sprake was van een ingewikkelde frauduleuze organisatie, maar dat eenvoudigweg op handige wijze de interne regels werden overschreden. Falend management en onvoldoende toezicht hebben ook een belangrijke rol gespeeld.

 

De ‘man van vijf miljard’ heeft recent zijn verhaal gedaan aan Le Parisien en schetst een ontluisterend beeld van de gang van zaken bij de bank. Hij vertelt dat het management telkens zijn targets hoger stelde: in 2005 moest hij € 5 miljoen verdienen, in 2008 € 55 miljoen. ‘Zo cashmachine, hoeveel heb je vandaag weer gewonnen?’ vroeg zijn chef regelmatig.

Zijn superieuren bepaalden dus de doelstellingen en wisten dat de omvang van zijn posities steeg, aldus Kerviel. ‘Ik wil best mijn verantwoordelijkheid nemen en fouten toegeven, maar ik wil ook dat mijn superieuren terechtgewezen worden’. Société Générale wijst er daarentegen op dat Kerviel een ingenieuze methode had bedacht om zijn transacties te verhullen en dat hij een assistent inschakelde. Zo werden interne controlesystemen omzeild, onder meer door valse faxen en e-mails en door fictieve transacties te sluiten die vlak voor de vaste controlemomenten werden geannuleerd. Het is niet verwonderlijk dat de eerder uitgevoerde interne onderzoeken niet alleen de schuld bij Kerviel, maar ook bij falende interne controle leggen.

 

Dat de componenten ‘risico’ en ‘gelegenheid’ hier bijna op klassieke wijze kunnen worden ingevuld is nu wel duidelijk. Het motief van Kerviel kan niet worden gevonden in eigenbelang; hij heeft zichzelf niet verrijkt – anders dan door hoge bonussen als dank voor zijn resultaten – en lijkt vooral terecht te zijn gekomen in een virtuele wereld waar geld geen enkele waarde meer had. ‘Mijn werk was als een spelcomputer; miljoenen winnen of verliezen kon in enkele seconden’.

 

De rol van de accountant komt nog niet expliciet aan de orde in de publicaties tot op heden, terwijl er volop vragen zijn. Hoe is omgegaan met de frauderisicofactoren zoals genoemd in de bijlagen van COS 240? Hoe is de risicoanalyse bij aanvang van de controle verlopen? Zijn de hiervoor geschetste prikkels en druk gezien? Wat is er gedaan met fraudesignalen, zoals opvallende transacties en ontbrekende autorisaties? Of is hier ook sprake geweest van de ‘misleidingsvariant’, zoals in het vonnis van de Ahold-strafzaak is gesteld: de accountant die is opgelicht door het management? Deze revival van het axiomatisch voorbehoud zal, zo verwacht ik, nog vaak langskomen in tuchtzaken en civiele zaken.

 

Dat brengt me ook bij een andere overeenkomst: Kerviel lijkt zichzelf niet direct te hebben verrijkt en van persoonlijk gewin was bij Cees van der Hoeven volgens de strafrechter ook geen sprake en dus werd zijn handelen niet gekwalificeerd als ‘boekhoudfraude’. Beide hebben daarentegen wel bijgedragen aan door beleggers geleden nadeel (vermogensschade). In de periode dat de zaak-Kerviel bekend werd, daalde de koers van Société Générale van ruim 90 naar 65 euro; een schade die zich mede door de kredietcrisis voorlopig niet meer laat herstellen. De Vereniging van Effectenbezitters (VEB) schatte de schade in 2004 op basis van de koersdaling vanaf februari 2003 – toen Ahold de boekhoudfraude bekend maakte – op USD 7 per aandeel. Volgens de VEB ging het om 900 miljoen aandelen en zou toen een schadebedrag van USD 6,3 miljard aan de orde zijn. Die mededeling van de VEB bleef niet zonder gevolgen: de beurskoers van Ahold zakte de volgende dag van bijna € 10 naar ruim € 3. Ik ben benieuwd hoe de Franse strafrechter omgaat met het al dan niet genieten van voordeel door fraude (door de fraudeur) en het veroorzaken van nadeel (bij velen).

Reageer 

Wilt u reageren, vul dan de onderstaande velden in. Uw e-mailadres wordt niet op onze website weergegeven.

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

Studeren wanneer uw agenda het toelaat, geen files en tijdrovende bijeenkomsten? Accountancynieuws biedt u in samenwerking met Kluwer Opleidingen de Accountancynieuws e-studies. Korte zeer praktische online opleidingen (omvang 3 PE punten) voor € 150.

 

Accountancynieuwsdag 2008 in e-studies beschikbaar. Klik hier.

Meest gelezen

Evenementen

Wilt u geïnformeerd worden over hoe u via Accountancynieuws de accountancy- en gerelateerde markten kunt bereiken? Of zoekt u financiële en/ of fiscale professionals?

Neem dan contact op met onze accountmanagers Frans Eijkelkamp of Marina Pattynama of bel met Gerdien Ruitenbeek op 0570-647452.

  

 

AN 8 - 17 april

NIEUW

IFRS Bound Volume 2009

 

 

meer info/ bestel

 

 IFRS NL vertaling 2008

 

 

 

 

meer info/ bestel

Actualiteit & Praktijk


nieuw nr. 6

Sociale zekerheid in feiten en cijfers

 

€ 15,50 incl. btw. Bestellen? Klik hier

Accountancy Nieuws is een product van Kluwer - © www.accountancynieuws.nl